Het jaarlijks terugkerende Jersey festival of Darts heeft me de eerste punten van het nieuwe internationale seizoen opgeleverd. Op vrijdag en zaterdag speelde ik in totaal maar liefst vier toernooien, waarvan twee meetelden voor de BDO-ranking. Dankzij het behalen van de laatste 32 en laatste 16, kon ik 12 punten bijschrijven.
Vorig jaar was mijn eerste evenement van het seizoen in Luxemburg, maar dat toernooi is dit jaar verplaatst naar juni. Derhalve zou ik dit seizoen (waarin we spelen voor kwalificatie voor Lakeside 2019) starten in Jersey. Vorig jaar had ik het daar redelijk gedaan, met een plek bij de laatste 16 en een vroege uitschakeling. Doelstelling was om het dit jaar op zijn minst net zo goed te doen.
Na vluchten in een klein propellervliegtuig kwam ik, dit weekend vergezeld door Rob Radsma, vroeg in de middag aan in St. Helier. We konden gelukkig even rustig aan doen en op ons gemak even ingooien, naar de supermarkt en eten, alvorens ’s avonds al het eerste rankingtoernooi op de planning stond; het Jersey Open. De loting zat niet tegen, met een bye in de eerste ronde en een onbekende lokale speler in de tweede. Deze Brit op leeftijd (een categorie spelers waar je normaal gesproken voor op moet passen) had niet veel in te brengen. Zonder echt goed te spelen, maar toch wel met een redelijk goed gevoel, win ik met 4-0.
De ronde erna werd een stuk lastiger, tegen de Engelsman Gary Stafford. Ik win de strijd om de bull en mag dus de oneven legs beginnen. De eerste leg loop ik scorend bij Stafford weg. Omdat ik een paar dubbels mis, komt hij nog in de buurt, maar ik weet op tijd te finishen. Met een solide eigen leg maakt Gary de 1-1. De derde leg moet mij vervolgens weer op voorsprong brengen. De scores zijn wederom goed, met onder andere een 180-score (waarop ik direct een terugkrijg). Ik mis echter een volle beurt om de leg te winnen en moet met lede ogen toezien hoe Stafford zijn kans wel benut. Ik moet nu dus gaan terugbreken om niet verder op achterstand te komen. Ook de vierde leg gaat gelijk op. Nadat de Engelsman goed wegzet, check ik 110 om de break terug te pakken. De wedstrijd blijft hierna van een hoog niveau, want ook in leg vijf gooi ik 180 en ook deze keer antwoordt Stafford direct met een eigen maximale score. Hij gaat me uiteindelijk iets voor bij, maar net als in de vorige leg red ik mezelf uit de problemen met een goede finish, 95 dit keer. Ik zet mijn tegenstander hiermee voor de opdracht om de laatste twee legs te winnen. In de volgende leg komt er nog geen kans om de wedstrijd binnen te halen, want Stafford gooit opnieuw 180 (zijn vierde) en laat geen ruimte voor mij om te breken. De zevende leg mag ik zelf beginnen en als ik dat goed doe, kan ik mogelijk een gaatje slaan. Deel één van die opzet slaagt, want ik open met 134, maar deel twee niet: op alles wat ik vanavond doe heeft Stafford een antwoord. Nadat ik een beurt zonder triple gooi, zet hij zichzelf op pole position om de wedstrijd te winnen. Ik zet nog weg op 56 en nadat hij zijn eerste twee pijlen mist, krijg ik nog even hoop, maar met zijn laatste is hij onverbiddelijk.
Door mijn plaats bij de laatste 32, heb ik wel al direct 4 punten te pakken. Hoewel dat niet het aantal is waar ik voor kwam, haalde het wel wat druk van de ketel. De manier waarop ik de wedstrijd verloor (misschien wel de beste wedstrijd die ik ooit heb verloren), was bovendien hoopgevend en met veel vertrouwen ging ik dag twee van het evenement op het kanaaleiland in. De zaterdag begon met het Channel Island Open, een dubbel in/dubbel uit toernooi, waaraan niet alle aanwezige spelers mee zouden doen. Ik speel dit toernooi redelijk, maar kan niet echt potten breken; na een eenvoudige overwinning volgde een nederlaag tegen een goede speler. De nederlaag was wel jammer, want ik mis de nodige kansen in deze wedstrijd.
Later op de middag is er nog de mixed treble. Hier zouden we oorspronkelijk niet aan meedoen, maar Rob slaagde erin om een lokale speelster (figuurlijk) op de kop te tikken en zodoende konden we onze middag nog nuttig besteden. De eerste ronde kwamen we vrij makkelijk door. Onze dame, Heidi, moest wel even inkomen, maar Rob en ik trekken de partij toch snel naar ons toe. De tweede wedstrijd, direct de kwartfinale, is tegen tegenstanders van een gelijkwaardig niveau. We doen onszelf helaas tekort met hier en daar een matige score en missen ook een volle beurt op de dubbel om 2-2 te maken. Het resultaat is een nederlaag en er rest ons niets anders dan ons klaar te maken voor de avondsessie.
De Jersey Classic telt weer mee voor de ranking en dus is dit weer het moment om echt scherp te zijn. Ik heb vorig seizoen nog weleens wat te klagen gehad over lotingen, maar daar kan dit weekend weer geen sprake van zijn. Ook deze keer heb ik namelijk een bye en daarna een relatief onbekende eilandbewoner, ditmaal van het nabijgelegen Guernsey. In een matige wedstrijd begint de vermoeidheid inmiddels een beetje toe te slaan, maar toch win ik met 4-1. De ronde erna speel ik tegen een Engelsman en tot 1-1 gaat de match gelijk op. Daarna schakel ik een tandje bij en verschaf ik mijzelf steeds voldoende ruimte om rustig naar een finish toe te werken. Ook deze partij win ik met 4-1. Direct hierop volgt de wedstrijd bij de laatste 16 tegen tweevoudig wereldkampioen Scott Waites. Ik kan eigenlijk vrij kort zijn hierover, want ik kom er geen moment echt aan te pas. Hij opent met een 12-darter en loopt daarna steeds verder uit. Zelf scoor ik in het begin nog redelijk, maar het kaarsje dooft toch rap. Ik weet dat ik een topdag en een beetje geluk moet hebben om van een speler van dit kaliber moet winnen en van beide is op dit moment geen sprake. Daarmee zit het weekend er voor mij op.
Met mijn plek bij de laatste 16 pik ik nog eens 8 punten op, waarmee ik de doelstelling behaalde (vorig jaar 8, nu 12 punten). Psychologisch is het ook wel lekker om meteen wat punten te scoren, om niet te lang op de hatelijke nul te blijven hangen. Ook de vorm zit weer in de lift en dat is misschien nog wel het grootste winstpunt van het weekend.



Op zondag is de loting me een stuk minder gunstig gezind. De eerste ronde was nog goed te doen. De scores waren matig, maar de dubbels behoorlijk; 3-0. In de ronde erna wachtte Martin Atkins, voormalig angsgegner van Raymond van Barneveld. Ik had zijn eerste ronde gezien en die was bepaald niet indrukwekkend, maar anderzijds kon ik me ook niet voorstellen dat hij erg onder de indruk was van mijn spel tot nu toe. We gaan allebei goed van start. Atkins mag beginnen en gooit zijn leg in 13 pijlen uit. In de leg erna sta ik na 9 pijlen op 81. Vanaf dan wordt het rommelig, maar ik haal de leg wel binnen. Ik hoop dat Atkins vervolgens een beetje gaat dimmen, maar hij smijt er opnieuw een 13-darter in. Vanaf dat moment heb ik een stuk meer moeite om de triples te vinden. Hij breekt me en mag zelf gaan gooien voor de wedstrijd. Ik zet nog een keertje aan en krijg een kans vanaf 126. Ik gooi een single en triple 19, maar mis de bullseye. Geheel onverwachts kom ik nog een keer terug, als de Engelsman wedstrijdpijlen mist. Mijn eerste pijl zou mijn laatste van het weekend worden en het werd ook wel een passende afsluiting van de afgelopen weekenden: vol in de triple 9.
Nadat we in de DONHN vorig seizoen een punt tekort kwamen voor de titel en ook nog eens de bekerfinale verloren, waren er twee spelers die het team verlieten. Uiteindelijk werd besloten om ons team samen te voegen met De Tegenstander, met het huidige
Superleague wedstrijden missen. Een lastige, maar bewuste keuze. Zeker in het begin had ik vaak moeite om meerdere goede wedstrijden achter elkaar te spelen. Hierdoor bleef ik met enige regelmaat net buiten de punten (Luxemburg, Romanian Classic,
Deze blijde gebeurtenis zou ervoor zorgen dat ik vanaf dat moment een aantal grote toernooien zou gaan missen, dus er kon tijdelijk een streep door al te hoge internationale ambities. Omdat dat toch al niet vlekkeloos verliep, was dat eenvoudig te accepteren.









Hoewel er een dag tussen mijn tweede ronde en kwartfinale zat, was er van rust weinig sprake geweest. Gisteren moest er in de competitie gegooid worden. Met nieuw materiaal, want mijn nieuwe pijlen waren gelukkig binnen. We wonnen met 6-3 van de regerend kampioen en hoewel ik zelf wat wisselvallig begon, kon ik de punten binnenhalen. Een prima opwarmer voor mijn wedstrijd tegen Remco van Eijden. Een man die in de context van de Saen Trophy geen introductie behoeft. Bij zijn tien eerdere deelnames stond hij in totaal acht keer met de beker in zijn handen. Het is niet overdreven als ik zeg dat dit ‘zijn’ toernooi is.
