Featured posts

Na een aantal weken relatieve rust in deze bloedhete zomer, werd de BDO tour hervat in het laatste weekend van juni. Snel na elkaar stonden er double-headers op het programma in Luxemburg, Antwerpen en Malmö. Helaas is het me niet gelukt om deze serie toernooien tot een goed resultaat te komen. Dat was te wijten aan een vormdipje, lastige lotingen en soms gewoon botte pech. Alleen in Antwerpen ging ik met een paar punten naar huis.

Het was warm in Luxemburg

Weinig succes in Luxemburg

In Luxemburg klonk het startsein voor de traditionele eindsprint van de ranking. Eind augustus is de cut-off voor de World Masters (die ik dit jaar wel ga halen, in tegenstelling tot vorig jaar) en een maand later voor het WK. Voor organisatoren is het natuurlijk interessant om hun toernooi in deze maanden te plannen, om zoveel mogelijk deelnemers te trekken die de punten goed kunnen gebruiken en daarom zijn augustus en september misschien wel de drukste maanden van het jaar.

Na een mislukt koppeltoernooi (tweede ronde) zat de loting op zaterdag niet mee. In de eerste ronde zou ik aantreden tegen Richard Veenstra, als eerste geplaatst. Het werd geen hoogstaande wedstrijd en we wisten beiden niet los te komen. Met de nodige moeite houd ik mezelf in het begin in de wedstrijd. Op 2-2 gooi ik net op tijd 180 om de ruimte te krijgen om mijn leg te houden en wanneer Veenstra de leg erna een paar foutjes maakt, kan ik de wedstrijd met 4-2 binnen halen. Zo’n overwinning is uiteraard mooi, maar weinig waard als je de wedstrijd erna niet weet te winnen. Dat is helaas wat er gebeurde. Jason Marriot speelt goed, ik nog steeds niet en met 0-4 verlies ik ruim. De dag erna gaat het nog niet veel beter. De eerste ronde kom ik makkelijk door, maar daarna verlies ik met 4-1 van Adam Mould. Mould speelt erg goed; de enige leg die ik kon winnen ging in 12 darts. Ik blijf wel steeds bij, maar hij maakt geen fouten. Zo wordt het een weekend om snel te vergeten.

Herstel in Antwerpen

Twee weken later reis ik af naar Antwerpen, op zoek naar sportieve revanche. Aan de vooravond van het toernooi kreeg ik een positief bericht; op de zaterdag zou ik geplaatst zijn. Dan hoop je de eerste paar rondes gemakkelijk door te komen, maar niets was minder waar. Ik werd gekoppeld aan de ervaren Dennis Smith (bekend om zijn unieke manier van gooien). Het werd een goede wedstrijd en scorend ben ik hem de baas. De dubbels werken echter niet mee, waardoor hij net zijn eigen legs kan houden. Wanneer ik bij een 2-1 achterstand één slechte score noteer, reageert hij met 180 en loopt uit. Ik breek nog terug naar 3-2 en sta in de zevende leg na 12 pijlen op 24. Drie volledige beurten, met de nodige pijlen op het ijzer, zijn onvoldoende voor mij om een zevende leg af te dwingen.

De volgende dag speel ik eigenlijk een stuk minder goed, maar weet ik wel vaker op de juiste momenten de finishes te raken. Ik ben nu niet geplaatst en zal in de tweede ronde, na een moeizame winst in de eerste ronde, langs Gino Vos moeten. Het was een goede partij, met de nodige ups en downs. Ik blijf scorend steeds de druk op hem houden en pak mijn kansen wanneer die zich aandienen. Op 3-3 steek ik hem voorbij door twee ton-plus scores. Op dubbel 8 win ik de partij. Nu geldt hetzelfde als twee weken eerder na de wedstrijd tegen Veenstra: om iets aan deze overwinning te hebben, zal ik de volgende partij ook moeten winnen. Ik speel tegen een Belg die prima kan gooien, maar waar ik normaal gesproken van moet winnen. Alle legs gaan gelijk op, maar in bijna elke leg gooi ik net een triple meer. Zodoende kan ik met 4-1 winnen om de laatste 32 te bereiken. Die wedstrijd zal ik terecht verliezen van Gary Stone (een dag eerder nog finalist) met 4-1. Ik moet het vandaag vooral van mijn vechtlust hebben, maar Stone haalt een niveau waar ik op dit moment niet heel veel tegenin te brengen heb.

Ongelukkig in Zweden

Mijn ster scheen dit weekend niet

Wanneer ik een week later naar Malmö afreis voor het Open Zweden (waar vreemd genoeg een A- en een D-toernooi gespeeld wordt), heb ik de verwachting hier goede zaken te kunnen doen. Vooral op het A-toernooi is het met een goede loting mogelijk om relatief eenvoudig punten op te pikken. Helaas was het lot mij niet dermate gunstig gezind. Op vrijdagavond liepen de koppels (met Jeffrey de Graaf) nog wel lekker, met een onnodige uitschakeling bij de laatste 16. Op zaterdag trof ik bij de laatste 128 al Gary Robson (6). Ik begin beter, maar laat na om hem direct op achterstand te zetten. Hierdoor blijven we de hele wedstrijd aan elkaar gewaagd. Op 3-2 kan ik het verschil wederom niet maken en op 3-3 speel ik net niet goed genoeg om het hem echt lastig te maken. Zondag wist ik van tevoren dat het moeilijk zou worden om met punten naar huis te gaan, want een plek bij de laatste 16 is daarvoor noodzakelijk op een D-toernooi. In de eerste ronde loot ik Darryll Fitton. In een spannende wedstrijd halen we allebei zo nu en dan echt een hoog niveau. Met een 74-finish pak ik op 3-2 de break en meteen de wedstrijd. Daarna maak ik de fout iets te lang na te genieten en me niet optimaal voor te bereiden op de wedstrijd tegen Brian Lokken uit Denemarken. Hij speelt erg sterk en ik ben vooral gefrustreerd met mezelf bezig (een fout die ik de laatste tijd gelukkig zelden meer maak). Hij wint 4-0 en ik ben klaar voor het weekend.

Zo werd het begin van de laatste fase van het rankingseizoen niet wat ik ervan hoopte. In het begin kon ik dat vooral mijzelf verwijten, maar later werd mijn spel echt beter en had ik soms gewoon pech. Het volgende toernooi is het Open Frankrijk en daar zal ik goed spel aan resultaat willen koppelen.

Het blijft mooi om de roots van een grootheid te bezoeken

Een halve week na het toernooi in Zwitserland reizen we alweer af naar Selsey in het zuiden van Engeland. De reis was onrustig. Eerst misten we bijna onze vlucht, dankzij het extreem trage inchecken van bagage bij EasyJet. Ik geloof niet dat ik de laatste jaren zo hard gerend heb en de eerste minuten in het vliegtuig was ik vooral bezig mijn longen eruit te hoesten.

Eenmaal in het vliegtuig hadden we vervolgens alsnog bijna een half uur vertraging. Op het vliegveld van Londen Gatwick was het vervolgens niet eenvoudig om een taxi te vinden die ons ruim een uur naar Selsey wilde rijden, maar via Uber lukte het gelukkig toch.

Er stond een behoorlijke rij bij de ingooiborden

Dus na wat voelde als een wereldreis, werd die avond het England National Singles gespeeld. Zoals altijd in Engeland, is er geen sprake van een eenvoudige loting. In de eerste ronde speelde ik tegen een Welshman met een Portugese naam. Hij speelt uitstekend, maar dat doe ik ook. Op 2-1 plaats ik een beslissende break en daarna trek ik met 4-1 de wedstrijd binnen. In de tweede ronde tref ik Jason Lovett. Lovett heeft veel ervaring op de PDC Challenge en Pro Tour, dus dit zou ook een lastige pot worden. Ik speel ook nu weer zeer goed. Scorend is het zeer solide en kleine foutjes straf ik af. Opnieuw win ik met 4-1. De ronde erna speel ik tegen een mij onbekende Engelsman. Ik houd mijn niveau vast en hij komt er eigenlijk niet aan te pas: 4-0.

Zo sta ik een tikkeltje onverwacht bij de laatste 64. Helaas is het een B-toernooi, dus is dat nog onvoldoende voor punten. Daarvoor moet ik eerst af zien te rekenen met de als eerste geplaatste Richard Veenstra. Dat zou helaas mislukken. Ik kom nog wel met 1-0 voor, maar daarna gaat het zijn kant op. Hij scoort simpelweg te goed om mij kansen te gunnen om echt in de wedstrijd te komen. Jammer, maar het is niet anders.

Mijn verloren gewaande tweelingbroer

Op zaterdag werd het England Open gehouden. Voor mijn gevoel ben ik de hele dag in de toernooizaal geweest en toch heb ik maar twee wedstrijden gespeeld. Een schema van 1024 man spelen zonder wedstrijdbriefjes werkt nu eenmaal niet, maar dat hebben ze in Engeland nog steeds niet door. Met zeven spelers aan een bord ingooien is geen uitzondering. Ik ben voorbereid en sta al vroeg in de zaal in te gooien. Ik ben wat nerveus tijdens de eerste ronde, maar met het nodige kunst- en vliegwerk win ik met 4-3. Daarna is het werkelijk uren wachten tot mijn volgende partij, tegen de als 31e geplaatste Simon Stainton. De 4-0 nederlaag doet niet helemaal recht aan de verhoudingen. In de eerste drie legs krijg ik steeds twee pijlen op tops om de leg te pakken. Ze vallen allemaal net aan de verkeerde kant van het ijzer en dus volgt er een zure nederlaag.

Nu is het tijd voor een klein beetje rust. De komende weken staat er niets op het programma. Eind juli begint de eindsprint richting de Lakeside cut-off met het Open Luxemburg. Ik zal in de tussentijd het nodige werk moeten verzetten om de vorm van deze lente terug te halen.

Onlangs zijn Tandprothetische Praktijk Kamstra en ik overeengekomen om ons bestaande partnerschap met een jaar te verlengen. TPP Kamstra was iets meer dan twee jaar geleden mijn eerste sponsor en plakt er nu dus een derde jaar aan vast. Daarmee worden zij de eerste partner die voor een tweede keer verlengt.

Het afgelopen jaar ben ik veel toernooien afgegaan, mede dankzij de steun van mijn sponsors (waaronder dus TPP Kamstra). Ik ben dan ook erg blij dat ik ook komend seizoen weer op hun steun kan rekenen. Het is geen goedkope onderneming en daarom ben ik ook nog altijd op zoek naar nieuwe partners. Mijn resultaten worden steeds beter en zodoende klim ik steeds verder op de BDO wereldranglijst. Aan vertrouwen in ieder geval geen gebrek: “we gaan door tot je nummer 1 staat!”

Begin juni staan er nog twee toernooien op de agenda, te beginnen met het Open Zwitserland. Met het oog op de West-Europese ranking was het de bedoeling om goede resultaten te halen. Hoewel ik met een handje vol punten naar huis ging, bleef een écht goede prestatie uit. Het lukte me ook niet om de goede vorm van een paar maanden geleden te benaderen.

De spelers die bij de laatste 32 verloren op het Swiss Open

Na een lange rit begonnen we (Anoop Ramdajal en ik) in Zwitserland aan de koppels. Na eerst een goede overwinning op de Duitser Rupert Frauendienst, wonnen we daarna van een onbekend koppel. Bij de laatste 16 speelden we tegen Brian Raman (waarmee we samen reisden dit weekend) en Dave Evans. We waren deze wedstrijd de mindere, maar met finishes van 126 en 98 hield ik ons in de wedstrijd. In de laatste leg kreeg ik een kans vanaf 150 om de kroon op het werk te zetten, maar helaas ging de dubbel 15 er (ruim) naast. Raman en Evans maakten het vervolgens af en wonnen daarna ook het toernooi.

Op de meeste toernooien op de tour wordt tegenwoordig in de vroege rondes best of 7 legs gespeeld, maar op het Swiss Open hadden ze iets anders bedacht: best of 3 sets, best of 3 legs. Na de eerste ronde vrijgeloot te zijn, kwam ik de tweede ronde gemakkelijk door. In de derde ronde speelde ik tegen een (hoorde ik later) Zwitsers international. De man speelde goed, maar had elke leg wel een mindere beurt waar ik van kon profiteren. Zodoende kon ik beide sets winnen. Daarna was er een lastige wedstrijd tegen Vitor Charrua, een van de beste spelers van IJsland. Ik mocht de eerste set beginnen en na mijn eigen leg gehouden te hebben, lukte het ook om die van hem af te pakken. De tweede set begint Charrua, maar met een 127 finish breek ik hem wederom. De leg erna begin ik met twee keer 180 en daarmee lijkt de buit wel binnen. Ik mis nog een paar dubbels, waardoor ik de winst uiteindelijk op dubbel 5 binnenhaal.

Daarmee heb ik mijn sheet gewonnen en wacht bij de laatste 32 Michael Unterbuchner. De Duitser was als eerste geplaatst, maar zijn vorm de laatste tijd is niet geweldig. Toch heeft hij in redelijk korte tijd een behoorlijke erelijst opgebouwd, met onder andere een finale op de World Trophy, een halve finale op Lakeside en een kwartfinale op de Grand Slam. Ik begin goed en win mijn eigen leg. Daarna volgen er twee min of meer gelijke legs, die de besilssing van de wedstrijd zouden betekenen. Eerst krijg ik op zijn leg een kans vanaf 80, maar ik mis een pijl op tops. In mijn eigen leg erna, kom ik op 68, ongeveer een zelfde finish als de leg ervoor. Ook nu krijg ik een pijl en ook nu mis ik. De Duitser pakt mijn set en geeft de voorsprong niet meer weg. In de tweede set gaat hij beter scoren en kan ik geen vuist meer maken. Zo eindigt het Swiss Open bij de laatste 32, met toch 4 punten.

De dag erna verliep chaotisch. Het begon ermee dat ik niet op de loting stond. Gelukkig was ik niet de enige en dus moest de complete loting opnieuw gedaan worden. Daarna moest ik ineens om 10 uur al spelen, waar ik niet op voorbereid was. Gelukkig was het geen moeilijke wedstrijd, dus kon ik hem rustig als opwarmertje gebruiken. Ook daarna kreeg ik nog een makkelijke wedstrijd, maar het lukt me vandaag niet om goed in vorm te komen. Bij de laatste 64 tref ik de Belg Jeffrey van Egdom, als zevende geplaatst. Vorig jaar in Antwerpen won ik nog van hem, maar ditmaal zou het helaas niet zo gaan. We spelen allebei niet goed, maar ik maak de meeste fouten. Op 1-1 verzuim ik te breken. Daarna gooi ik nog een 12-darter om gelijk te maken, maar even later loopt het toch fout af. Ik mis een hand vol pijlen om 3-3 (vandaag wel ‘gewoon’ best of 7 legs) te maken via dubbel 19 en uiteindelijk profiteert Van Egdom. Een dag om snel te vergeten.

Waar het op het Europese vasteland de laatste toernooien allemaal prima verloopt, wil het aan de overkant van de plas nog niet zo lukken. Op het Isle of Man speelde ik weliswaar goed, maar was dat te weinig om tot resultaten te komen. Het algehele niveau is gewoon hoger in het Verenigd Koninkrijk en dus is het nog lastiger om door de toernooien heen te komen. In Wales slaagde ik er dan ook niet in om een goede prestatie neer te zetten. Eigenlijk ben ik het hele weekend nauwelijks in mijn spel gekomen en dat leidde tot vroege uitschakelingen op vrijdag en zondag. Een lichtpuntje was de kwartfinale in het koppeltoernooi, maar dat was te weinig om echt positief terug te kunnen kijken.

Het toernooi werd gehouden op een vakantiepark in het noorden van Wales en grof gezegd was alles daar gewoon kut: de appartementen zijn denk ik in de jaren ’40 voor het laatst onderhouden, warm water hadden we niet (ook al hadden we een elektriciteitskaartje, ook zoiets idioots), bedlinnen was niet goed en kwam steeds los, gedoe met polsbandjes voor het eten (waar we toch echt voor betaald hadden), vies ontbijt, halfrauwe kip bij het avondeten (gezellig een nachtje op het toilet doorgebracht), nauwelijks ingooiruimte en borden die zo dicht op elkaar staan dat je in sommige delen van de zaal niet eens mocht komen, behalve als je aan een van de borden moest spelen. De toernooileiding was wel prima trouwens, in tegenstelling tot het Isle of Man eerder.

Hoewel de dubbele regenboog anders doet vermoeden, was het verre van een paradijs

Wat wel leuk was, was het gezelschap. Ik was voor het eerst een weekend weg met Anoop Ramdajal, Santino Broer en Jitse van der Wal en dat klikte prima. Ook met mijn koppelmaat Michael Busscher ging de samenwerking goed, wat toch prettig is als je de eerste keer samenspeelt. Het toernooi was wel raar ingedeeld, met een singletoernooi op vrijdag overdag, het koppeltoernooi vrijdagavond, niets op zaterdag (kennelijk waren er lokale countywedstrijden) en dan weer een singletoernooi en de finalewedstrijden op zondag. Het zorge er wel voor dat we op vrijdagavond gebruik konden maken van de feestavond, wat een topavond werd.

Welnu, het darten dan, want daar kwam ik voor. Voor een avond uit had ik immers ook dichter bij huis kunnen blijven en mijn vrienden die ik veel te weinig zie kunnen bellen. De vorm op vrijdagochtend was niet goed. Ik had heel veel moeite om de triples te vinden en kon daardoor niet constant een goed niveau halen. In de eerste wedstrijd had ik nog het geluk dat ook de tegenstander niet al te best was. Dat werd alsnog een gemakkelijke overwinning. Daarna tegen voormalig Lakeside-finalist Dean Winstanley was het snel afgelopen. Ook hij speelde trouwens verre van goed, maar hij bleef me drie keer net voor en won zo alle legs. Jammer, want als ik in goeden doen was geweest had ik best kunnen winnen.

Die avond in het koppeltoernooi ging het beter. Er werd gespeeld in het behoorlijk bizarre format van 601, best of 3. De eerste paar ronden kwamen we zonder kleerscheuren door. We hadden weleens een laatste leg nodig, maar die werd dan nooit echt spannend. Bij de laatste 64 werd het moeilijker. Na een 1-0 voorsprong verzuimden we de partij in het slot te gooien, met als gevolg dat we in de laatste leg met geluk overeind bleven. Maarliefst vijf matchdarts werden door onze opponenten gemist, waarna we alsnog aan het langste eind trokken. De rond erna troffen we twee spelers die daarvoor hun beste wedstrijd al gespeeld hadden. Tegen ons waren ze een stuk minder. In de eerste leg zorg ik voor een hoogtepuntje door 170 uit te gooien en in de tweede leg maken we het direct af. In de kwartfinale treffen we Wesley Harms en Richard Veenstra. Zij scoren beter dan wij, maar in de eerste leg gooit Michael 90 uit om hem toch binnen te trekken. In de tweede leg herhaalt hij dat kunststukje bijna, ditmaal vanaf 155. De dubbel 19 gaat er echter net onder. Hierna laten de voormalig WDF koppels wereldkampioenen ons er niet meer in en we verliezen met 2-1. Desondanks kunnen we met een kwartfinaleplaats spreken van een geslaagd debuut.

Op zondag moet het dan gebeuren, wanneer het hoofdtoernooi (A+ voor de ranking) begint. Wederom begin ik moeizaam, maar zo langzamerhand begin ik toch beter te spelen. De eerste twee wedstrijden kom ik makkelijk door. Vervolgens tref ik een Ier, die behoorlijk goed was. Mijn eerste twee legs zijn nu uitstekend, met een 2-0 voorsprong als resultaat. In de derde leg maken we allebei veel fouten op de dubbels. Ik was uiteindelijk de gelukkige die dubbel 1 raakte en daarmee komt er ook direct een eind aan de partij. Dan sta ik inmiddels bij de laatste 128 en ben ik nog een overwinning verwijderd van 7 punten. Ik speel tegen een Schot, Craig Owens. Ik kende hem niet, maar hij zal me nog wel even bijblijven. De man speelde werkelijk briljant. De eerste leg pak ik nog met een 15-darter (72 checkout), maar daarna is er geen houden meer aan. Hij gooit eerst een 14 darter, breekt me daarna in 13 (ik stond na 15 op 24) en maakt het af met een 12-darter met 152 finish. Ik kan mezelf niet echt iets verwijten, maar de nederlaag in deze fase van het toernooi is wel teleurstellend.

Daarna restte niets anders dan een vroege tocht naar huis op maandagochtend en mezelf klaarmaken voor het volgende toernooi, het Open Zwitserland van begin juni.

Een aantal maanden geleden ben ik in een flow gekomen (beginnend in Slowakije), waarin het me steeds vaker lukt om goed spel te koppelen aan resultaten. Na punten gehaald te hebben in West-Friesland en Duitsland, lukte dat me nu ook op beide toernooien in Denemarken. Op zaterdag verloor ik ongelukkig bij de laatste 64 en op zondag volgde er een plek bij de laatste 32.

De hoofdzaal van het Open Denemarken

Jaren geleden (2013), was ik al eens naar het Open Denemarken geweest en sindsdien is er behoorlijk wat progressie gemaakt in de opzet van het toernooi. Destijds was het een beetje een rommeltje, maar nu was alles prima opgezet. Het schrijven op een krijtbord was weliswaar wat primitief, maar het werkt nog altijd beter dan met vellen papier die je na elke leg af moet scheuren. Nadat we op vrijdagavond het opwarmkoppeltoernooi hadden gemist (welk toernooi begint er nou om 6 uur?), kon ik op zaterdag aan de bak op het eerst singletoernooi van het weekend. Ik begon tegen een Deen, Rene Hansen en dat was een eerste ronde zoals ik ze graag heb; redelijk eenvoudig, met de mogelijkheid om te wennen aan de omstandigheden. Mijn spel was nog wisselend, maar de wedstrijd werd gewoon met 4-0 gewonnen. Een uurtje later, tegen de Zweed Göran Eriksson (nee, niet Sven-Göran Eriksson), was de tegenstand al feller. Anders dan de 4-1 overwinning doet vermoeden, zat het dicht bijelkaar. Finishes maakten het verschil. Op 1-1 lijkt de Zweed een kans te gaan krijgen om te breken, maar check ik 96. Een leg later is het precies andersom, met het verschil dat hij een pijltje mist en ik wel direct breek. Daarna kon ik het uitspelen.

De ronde erna (laatste 64) speel ik tegen de geplaatste Engelsman John Scott. Scott is aan atypische Engelse darter, in de zin dat hij zijn punten voornamelijk verzamelt op het Europese vasteland. Daar had hij ook zijn plaatsing aan te danken. Hij mag beginnen en de eerste drie legs gaan gelijk op. Er is alleen een klein probleem; ik heb in mijn eigen leg twee pijlen op een dubbel gemist en dus sta ik plots met 3-0 achter. Ik geef niet op en via een 12 darter (139 checkout) en daarna finishes van 93 en 76 vecht ik me helemaal terug de wedstrijd in. In de laatste leg neem ik het voortouw. Vanaf 158 zet ik weg op 60 en dat lijkt voldoende om een kans te krijgen om de comeback compleet te maken. Hij tovert op dat moment echter een 153 finish uit de hoge hoed. Hoewel ik er van baal, kan ik natuurlijk niets dan respect hebben voor zo’n enorme finish op zo’n moment. Eigenlijk ben ik ook best wel tevreden over mijn eigen spel en nadat ik de laatste weken zo nu en dan een gelukje had, viel het nu net even de verkeerde kant op.

Op naar de zondag. Hier had ik van tevoren minder vertrouwen in, omdat ik al direct moest aantreden tegen regerend Winmau World Master Adam Smith-Neale. De jonge Engelsman is met name scorend zeer sterk, dus daar zou ik een antwoord op moeten hebben. Hij staat al snel op een dubbel, maar met een 88 finish pak ik toch de leg. Daarna gooit hij een matige leg, waardoor ik relatief eenvoudig de tweede kan pakken. Als ik vervolgens ook de derde leg pak, lijkt er geen vuiltje aan de lucht. Uiteraard is dat te kort door de bocht, want Smith-Neale blijft een geweldige speler. Dat laat hij in de legs erna ook zien. Hij houdt eerst zijn eigen leg en breekt mij daarna om het gat terug naar een leg te brengen. Hierna laat hij echter weer steekjes vallen en pak ik alsnog de wedstrijd met 4-2.

De rest van de dag gaat mijn spel helaas eerder achteruit dan vooruit, maar op vechtlust kom ik nog een heel eind. De Deen Carl Henrik Hansen speelt een stuk minder goed dan ik, maar hij houdt zichzelf steeds knap in de wedstrijd. Hij is alleen goed in zijn eigen legs en daarin blijft hij me steeds net voor. Gelukkig mag ik beginnen op 3-3 en met een 80 finish behoud ik deze laatste leg vrij gemakkelijk. Daarna tref ik met Ivan Springborg Poulsen wederom een Deen. Deze gooit een stuk beter dan zijn voorganger en ook nu moet ik alle zeilen bijzetten om de wedstrijd in mijn voordeel te beslissen. Mijn eigen legs verlopen prima en een break op 2-1 blijkt genoeg om de beslissing te plaatsen. Met 4-2 gaat de wedstrijd mijn kant op.

De ranking na het Open Denemarken

Hierna verval ik in dezelfde fout als eerder in Duitsland, want bij de laatste 32 tegen Wouter Vaes raak ik niets meer. Het is moeilijk om er precies een vinger achter te krijgen. Is het vermoeidheid, een drankje te veel, te weinig ingooien? In dit geval was het ook lastig om ineens in een andere hal te spelen. Dat zal meegespeeld hebben, want ook Vaes had er last van. Dat laatste was nog het meest frustrerende, want als ik gewoon goed had gespeeld, had ik zeker kunnen winnen. Goed, ‘als’ telt niet in de sport en dus stond er aan het eind van de matige partij een 1-4 nederlaag op het bord. Toch heb ik dit weekend weer 17 punten kunnen bijschrijven, waarmee ik weer wat plekken stijg op de wereldranglijst. Al met al begint het nu echt wel ergens op te lijken.

Na een paar weken relatieve rust, ging de tour voor mij verder met een bezoek aan Duitsland. Daar wilde het de afgelopen jaren niet echt vlotten, maar ik slaagde erin daar verandering in te brengen. Ik speelde alleen het A-toernooi op zaterdag en haalde daar de laatste 32, na een mooie overwinning op Jim Williams.

Mijn reactie na het bereiken van de laatste 32, met achter mij Jim Williams.
Foto van Dartfreakz.nl

Gelukkig had ik een vrijloting in de eerste ronde, zodat ik niet al te vroeg in de auto hoefde te zitten, maar ‘pas’ om kwart over zeven. Ik begon tegen een Engelsman, David Wilson. Ik kende hem niet, maar hij kon behoorlijk darten. Erg constant was hij alleen niet, dus zonder al te veel problemen kon ik hem met 4-1 aan de kant zetten. De ronde erna speelde ik tegen een Duitser, Christian Wilkes. Ik had zijn wedstrijd hiervoor geschreven en de man had wel indruk op me gemaakt. Mijn vorm blijkt echter prima en met zeer solide spel zet ik hem met 4-1 opzij. Dan sta ik alweer in de sheet finale, waar met Patrick Goedhart een Nederlander wacht. Die had zijn kruit in eerdere rondes reeds verschoten en dit werd nooit echt een wedstrijd: 4-0.

Het is altijd wel lekker om te weten dat je in ieder geval niet voor niets afgereisd bent, want op dat moment was er sowieso een handvol punten binnen. Eenmaal zover wil je dan natuurlijk wel altijd meer. Dat zou lastig worden, want de als derde geplaatste Welshman Jim Williams zou mijn tegenstander worden. Williams is in staat om veel beurten met minstens twee triples te gooien, maar wil ook nog weleens een aantal beurten zonder triple gooien. Voor mij zou het daarom zaak zijn om scorend bij te blijven en te profiteren van die enkele mindere scores. Dat plan slaagde, want we bleven de hele tijd dicht bijelkaar. In de eerste leg lukt het me direct om Williams te breken. Helaas kan ik hem niet verzilveren, want door twee missers op dubbel 10, kan de Welshman gelijk maken. Daarna gaan er vier legs met de darts mee. Williams is iets beter, want hij houdt zijn legs makkelijker dan ik de mijne. Toch blijf ik eraan hangen. De laatste leg kan beide kanten op. We staan na 12 pijlen op 62 en 76 en hij mag eerst. Ik dacht als hij mist, dan pak ik hem. Hij krijgt een pijl voor dubbel 16 en mist inderdaad. Ik krijg een pijl voor dubbel 18 en die valt er wel in en zodoende boek ik een van de mooiste overwinningen uit mijn loopbaan.

Een van mijn aandachtspunten voor dit seizoen was het kunnen spelen van meerdere goede wedstrijden achter elkaar. Waar dat recent op het West-Fries Open heel redelijk ging, liep dat vandaag totaal anders. De koek was op en niet zo’n beetje ook. Bij de laatste 32 speel ik tegen Nieuw-Zeelander Cody Harris mijn met afstand slechtste wedstrijd van de dag. Hij speelt overigens uitstekend, dus ook op mijn best had ik kunnen verliezen. Toch houd ik op deze manier toch een lichte zure smaak over aan de dag.

Die avond trouwt een van mijn beste vrienden (nogmaals gefeliciteerd Tom en Rianne) en mede daarom besluit ik het B-toernooi op zondag over te slaan, aangezien een zo’n dag al vermoeiend genoeg was.

Na een weekend op het Isle of Man, was het fijn om nu eens wat dichter bij huis te kunnen blijven. Het West-Fries Open verliep vorig jaar dramatisch, mede door ziekte, dus dit jaar was het tijd voor revanche. Dat lukte uitstekend, met een kwartfinale in de koppels en twee maal de laatste 16 in de single toernooien, met onderweg een aantal mooie overwinningen.

Het is het tweede jaar dat het West-Fries Open internationaal geranked is en de organisatorische kinderziektes zijn er inmiddels wel uit. De locatie is ruim opgezet en er is voldoende plek om in te gooien (ook omdat het aantal inschrijvingen helaas wat tegenviel). Bijkomend voordeel is dat ik heerlijk op de fiets naar het toernooi kon, dat is wel even iets anders dan uren rondhangen op een vliegveld.

Op vrijdagavond begonnen we (Silko Visser en ik) met de koppels. Het gevoel was goed, maar ik startte zeer slecht. Gelukkig gold dat niet voor Silko en hij trekt me door de eerste wedstrijd heen. De tweede wedstrijd begin ik al niet veel beter, maar vanaf dat we 1-0 achter komen gaat het ook bij mij lopen. We maken gelijk, waarmee we zeker weten de poule door te komen en spelen een goede derde leg, die nipt verloren gaat. Dan zit de poulefase er alweer op een kan het echte werk beginnen.

Beelden van de kwartfinale bij de koppels

Bij de laatste 32 kom ik in de persoon van Bob van Oerle een oud-teamgenoot tegen. We spelen uitstekend en zorgen ervoor dat zij er niet aan te pas komen. Met 3-0 halen we de partij binnen. Ook de ronde erna tref ik een voormalig teamgenoot; Sjors Kolvers, die speelt met André Ruiter. Dit werd een goede wedstrijd, van beide kanten. In de eerste leg zet ik weg met een 174 score, maar raakt Sjors 68 om te breken. Zij houden daarna ook hun eigen leg. Even lijkt er een vroegtijdig einde te komen, maar met een 120 checkout houdt Silko ons in leven. Vanaf dat moment zijn we niet meer te houden, ook al blijven Sjors en André vlakbij. We breken terug en winnen daarna de laatste leg.

De kwartfinale wordt op het hoofdpodium gespeeld, tegen Wessel Nijman en Jimmy Hendriks. We moeten er even aan wennen en leveren prompt onze eigen leg in. In de tweede leg blijven we beter bij, maar komen we net tekort. We herpakken ons en houden de eigen leg om terug in de wedstrijd te komen. Daarna moeten we breken om erin te blijven. Hoewel we de hele leg goed bij blijven, krijgen we geen kans om gelijk te maken. Daarmee eindigt het toernooi voor ons in de kwartfinale.

De dag erna staat het eerste single toernooi op het programma. Ik heb een lastige loting met Andrew Beeton in de tweede ronde (de eerste had ik een vrijloting) en de organisatie besluit ook deze wedstrijd op het podium af te werken. Na een weifelend begin en een 1-0 achterstand, kom ik steeds beter in de wedstrijd. In 16 darts maak ik 1-1, waarna ik breek in 14. Met de nodige moeite houd ik opnieuw mijn eigen leg en daarna gooi ik met 99, 180, 180 en 42 een 11-darter voor de winst.

Mijn eerste wedstrijd op zaterdag tegen Andrew Beeton

In de derde ronde wacht de jonge maar getalenteerde Jarrod Cole. Hij speelt zijn wedstrijden doorgaans op de PDC jeugdtour, maar kwam dit weekend bij de BDO in actie. Hij begint beter dan ik, met name scorend. Ik blijf er echter aan hangen en vanaf 1-1 gaat het beter lopen. Hij mist wat dubbels en ik pak een break. De leg erna werd beslissend. We staan allebei rond de 100 en ik mag eerst. Ik check 106, waar hij gehoopt zal hebben nog een kans te krijgen. In de leg erna loop ik weg en win ik met 4-1 de wedstrijd.

Bij de laatste 32 tref ik geen internationale topspeler, maar een lokale rivaal: Teun de Jong, een ervaren speler uit Enkhuizen en verantwoordelijk voor de uitschakeling van Darryl Fitton. Het werd een prachtige partij. Dit keer begin ik wel goed en kom ik op voorsprong. Ik mis de kans om uit te lopen, door dubbel 5 te missen. Teun komt terug en pakt een 3-2 voorsprong. Onder druk maak ik 3-3, maar hij mag de laatste leg beginnen. Dat doet hij zeer goed en ik kan alleen maar volgen. Na 9 pijlen staat hij op 118, met mij op 321. Ik gooi 140 om het verschil te verkleinen. Vervolgens maakt hij een fout door na een 20 en 18 voor tops te gaan en die aan de bovenkant te missen. Ik gooi 100 om 81 over te laten en dat blijkt voldoende druk. De Jong mist 80 en ik check 81 en win daarmee de wedstrijd.

Over de wedstrijd daarna, tegen (opnieuw) Wessel Nijman, kan ik kort zijn: de tank was leeg en hij daardoor een maatje te groot. Ik mis pijlen om 1-1 te maken en daarna was hij niet meer bij te halen: 0-4. Toch sluit ik de dag weer met een goed gevoel af en ga ik op naar de zondag, als er wederom een single toernooi gespeeld wordt.

Zondag begint raar. Ik speel tegen een lokale derde divisiespeler (Sergio Krassen), maar de organisatie besluit opnieuw mijn wedstrijd op het podium te zetten. Onterecht wat mij betreft, want er stonden in de tweede ronde (ik had ook nu een bye) wel mooiere wedstrijden in de loting. Toevallig had ik eerder deze week al eens tegen Sergio gespeeld en hoewel ik toen met 4-1 won, bleef hij toen steeds goed bij. Dat deed hij vandaag ook in een zeer matige wedstrijd. Met veel moeite pak ik steeds een voorsprong, maar op 3-1 kan ik het niet afmaken. Het wordt zelfs 3-3 en de laatste leg gaat gelijk op. Gelukkig weet ik te voorkomen dat hij vanaf 80 voor de wedstrijd mag gooien, door 60 te finishen.

In de derde ronde had ik Michael Busscher verwacht, maar hij verloor verrassend van jeugdspeler Patrick Bus. Die had zijn kruit wat verschoten en ik speelde zelf ook een zeer goede wedstrijd tegen hem. Ik check 90 en 72 om 2-0 voor te komen en toen was het verzet wel gebroken. Ik loop daarna relatief gemakkelijk uit naar 4-0. Al snel erna moet ik tegen Jerry Hendriks, in een recent verleden nog actief op het PDC WK. Ik verzuim de eerste leg te winnen en via dubbel 7 pakt hij die van me af. Ik breek meteen terug, maar word daarna nog eens gebroken. Dit resulteert in een 3-1 achterstand, terwijl ik voor mijn gevoel minstens gelijkwaardig ben. Dat blijkt daarna gelukkig ook, wanneer ik wel mijn kansen pak en terug kom naar 3-3. In de laatste leg krijgt hij nog een wedstrijdpijl vanaf 118. Hij mist en ik maak het af en haal zo alsnog de winst binnen.

Ik probeerde mijn leerpunt van gisteren direct in de praktijk te brengen, door nu na een spannende wedstrijd meteen weer goed voor de dag te komen. Dat ging nu wel goed, maar dat was aan het resultaat niet te merken. Ik liep tegen een buitenaards spelende Martijn Kleermaker (die beide toernooien dit weekend zou winnen) aan. In de eerste leg sta ik keuren na 12 pijlen op 62, maar krijg ik een 11 darter tegen. In de twee legs erna gooit hij vier maal 180. In de vierde leg doet hij iets rustiger aan, waardoor hij uitkomt op ‘slechts’ 105 gemiddeld. Mijn verzet was toen al gebroken: 0-4.

Dat neemt niet weg dat ik kan spreken van een geslaagd weekend. Mijn niveau was hoog en ook onder druk bleef ik vaak goed gooien. Dit biedt behoorlijk wat vertrouwen voor de komende tijd.

Na het uiteindelijk succesvolle weekend in Slowakije, stond al snel het Isle of Man Festival of Darts op de agenda. Ik reisde met veel vertrouwen af naar de rots tussen Groot-Britannië en Ierland, maar de loting was erg zwaar. Op alle dagen zou ik snel een goede tegenstander treffen en met een beetje pech zou het weleens een erg kort weekend kunnen worden. Van dat laatste was gelukkig geen sprake, maar desondanks slaagde ik er niet in om punten voor de BDO-ranking te halen.

De zaal lag er mooi bij, maar extra banen hadden geen kwaad gekund

Op vrijdag kwam ik aan, na winderige vluchten langs de Engelse kust. Die avond stond al direct het eerste toernooi op het programma. Ik moest aantreden tegen een legende uit Wales: Martin Phillips. Ingooien bleek heel dit weekend trouwens praktisch onmogelijk. Voortdurend stond ik met vier of vijf man aan een baan. In de wedstrijd begon ik wel direct goed en won de eerste leg. In de tweede had ik Phillips moeten breken. Eerst mis ik 148 en daarna mis ik nog een volle beurt. Hij komt er vervolgens steeds beter in en met de nodige moeite en een 99-finish houd ik mijn eigen leg. Ik hoop op een kansje in zijn leg, maar dat komt er niet. In de vijfde en laatste leg kom ik tekort en zo zit deze avond er snel op. Als ik in het rond kijk naar de andere banen, valt me wel op dat er overal goed gespeeld wordt. Niet alleen door de vele grote namen die aanwezig zijn, maar ook door relatief onbekende spelers.

De dag erna is er een toernooi dat alleen meetelt voor de WDF ranking (en niet ook voor de BDO ranking helaas). De eerste twee wedstrijden speel ik tegen voor mij onbekende spelers. Zij spelen goed, maar ik ook. Mijn spel is zeer solide en zo kan ik beide keren met 4-1 winnen. De derde wedstrijd is de sheetfinale tegen de als 25e geplaatste Mark Layton. Hij speelt redelijk traag en ik heb aanvankelijk moeite om in mijn spel te komen. Hij houdt zijn eigen leg en als ik daarna twee dubbels mis, gooit hij 164 uit om een break te plaatsen. Gelukkig ben ik tegenwoordig niet meer zo snel onder de indruk als een aantal jaar geleden. Ik ga beter scoren en breek direct terug. Dan gaat het hard. Ik houd mijn eigen leg, breek opnieuw en gooi de wedstrijd vervolgens met 4-2 in het slot.

Bij de laatste 32 wacht een confrontatie met Richard Veenstra (ik deduceer dat hij als 8e ingeschaald was). Dit werd een zeer sterke partij, met een wat bitter einde. De eerste drie legs gaan met de darts mee. Daarna weet Veenstra me te breken met een 100 finish, na een kleine misser van mij. Ik weet ook dit keer terug te breken en kom met 3-3 weer helemaal terug in de wedstrijd. De laatste leg had mijn kant op moeten vallen, maar deed dat niet. Ik mis een aantal wedstrijdpijlen (ik denk vier of vijf) en dat moet je tegen een speler als Veenstra natuurlijk niet doen. Hij profiteert en ik moet me klaar maken voor het belangrijkste toernooi.

Het plafond van de prachtige zaal in Villa Marina

Want op zaterdagochtend begint het Isle of Man Open, een A+-toernooi. Net als de rest van het weekend, moet ik ook nu van meet af aan de bak. Mijn eerste tegenstander ken ik niet, maar hij kan prima gooien. Ik blijf hem steeds net wat voor en in de eerste leg check ik 135. Mijn scores blijven goed en zo kan ik steeds de druk erop houden. Uiteindelijk wordt hem dat in elke leg net iets te veel en pak ik met 4-0 de overwinning.

Na heel lang wachten, speel ik de tweede ronde tegen Willem Mandigers, die hoog geplaatst is. Met moeite houd ik mijn eigen leg, want hij zit me op de hielen. De Brabander wint vervolgens wat gemakkelijker zijn eigen leg. Zo zou het eigenlijk de hele wedstrijd gaan. Mandigers zit vlak achter me aan in mijn legs en ik kan ze steeds net houden. Hij wint zijn legs met iets minder moeite. Ik sta wel steeds in de buurt, maar richting het einde van de leg plaatst hij telkens nog een versnelling. Logischerwijs wordt het dan 3-3 en dan kom ik lekker weg in de zevende leg. Hij mist twee pijlen vanaf 60 om de wedstrijd te winnen en ik profiteer door opnieuw mijn eigen leg en daarmee de wedstrijd te winnen.

Een mooie overwinning, maar nog niet voldoende om ook echt met een resultaat (lees: punten voor de ranking) naar huis te kunnen. De wedstrijd ontmoet ik Niall Culleton, een Ier waar ik tot dan toe nooit van gehoord had. Later hoor ik dat hij vorig jaar op de Winmau World Masters en de Lakeside kwalificatie wel indruk had gemaakt. Hij gooit langzaam, maar wel zeer precies. Ik verlies de bull en de eerste leg. In de tweede mis ik twee pijlen om gelijk te maken en voor ik het weet sta ik met 3-0 achter. Ik vecht me terug in de wedstrijd; met een break en een goede eigen leg kom ik op 3-2. Het bleek helaas te laat, want daarna gooit Culleton een goede leg die hij zelf mocht beginnen. Een terechte nederlaag, maar toch heb ik het gevoel dat er meer in had gezeten.

Uitzicht vanuit mijn hotelkamer

Dat gevoel overheerst over het hele weekend. Ik heb eigenlijk drie dagen lang gewoon goed staan spelen. Hier en daar een foutje, maar dat overkomt zelfs de besten. Ik ging goed om met tegenslag, kon terugkomen van achterstanden en raakte niet in de war als het even iets minder ging. Het niveau was hoog en volgend jaar moet ik terugkomen om te laten zien dat ik niet alleen daarin mee kan, maar ook resultaten kan boeken in een dergelijk deelnemersveld. Daar denk ik de dag erna iets anders over, wanneer mijn dag bestaat uit wachten op luchthavens en schommelend door de lucht geslingerd worden. Die toernooien naar plekken waar geen rechtstreekse vlucht naartoe gaat, blijven toch vervelend wat dat betreft.

In een weekend met twee gezichten heb ik een prima resultaat behaald in Samorin, Slowakije. Na op vrijdag vroeg uitgeschakeld te zijn met belabberd spel, vocht ik me zaterdag door een moeilijke wedstrijd heen, waarna ik op de drempel van de kwartfinale strandde; na een overwinning op Scott Mitchell verloor ik nipt van Ross Montgomery.

Vorm is, voor zover het al bestaat, een ongrijpbaar begrip. De ene week is het er en de andere kan het zo weer weg zijn. Ik was al een tijdje behoorlijk in vorm, ook al ging de Dutch Open iets minder. De competitiewedstrijd van vorige week ging prima, dus ik verwachtte dat door te kunnen zetten. Het hielp natuurlijk niet mee dat ik al twee weken last had van een bijholteontsteking, maar tijdens het darten had ik daar niet veel last van gehad. Het vliegen was wel erg onprettig.

Op vrijdagavond werd direct al de Slovak Masters gespeeld, een B-toernooi. De eerste twee ronden kwam ik makkelijk door, zonder goed te spelen. Ook het goede gevoel wilde maar niet komen. Dit zou me in de derde ronde fataal worden. Tegen een redelijke tegenstander, weet ik in het begin van de wedstrijd niet het verschil te maken. Ik hoor deze wedstrijd eigenlijk zonder al te veel moeite te winnen, maar omdat ik steeds wisselvalliger ga spelen, geef ik het uiteindelijk met 3-4 uit handen. Vooral de manier waarop ik speelde bood weinig vertrouwen voor de dag erna.

Op zaterdagochtend ging het Slovak Open van start. Hoewel ik opnieuw niet heel sterk begin, is het gevoel nu al een stukje beter. De eerste ronde kom ik snel door. Daarna wacht er een Tsjechisch international. Ik had hem in de ronde ervoor al zien spelen en was op mijn hoede. Hij scoorde goed, maar ik was iets beter. Omdat ik een volle beurt mis op de dubbels, breekt hij me. Ik breek terug, waarna er opnieuw hetzelfde gebeurt; ik mis drie pijlen, hij breekt mij en ik breek terug. Ik wil nu bij hem weglopen, maar hij gaat nu beter scoren en breekt me wederom. In de leg erna krijgt hij een wedstrijdpijl vanaf 130. Die gaat er gelukkig niet in en ik check 72 om een beslissende leg af te dwingen. Daarin speel ik goed en eindelijk gaat de dubbel er een keer snel in en trek ik toch aan het langste eind.

De wedstrijd erna is tegen Mike Warburton uit Wales. Ik kende de man niet, maar hij bleek vorig jaar het Welsh Open te hebben gewonnen, dus dan kun je er wel wat van. In het begin van de partij was hij ook de betere. In mijn eigen legs kon ik eraan blijven hangen om in de wedstrijd te blijven en tot 2-2 bij te blijven. Daarna kantelde het. Hij ging iets minder goed scoren en ik kreeg wat meer vertrouwen. Ik dwong een kans af in zijn leg en pakte die. In mijn eigen leg kwam ik vervolgens niet meer in de problemen, ook al duurde het even voor de laatste dubbel gevonden werd. De opluchting is groot, nu ik zeker weet niet helemaal met lege handen naar huis te gaan. Hierna wachtte er een Oostenrijker waarvan ik me al snel afvroeg hoe hij erin geslaagd was vier wedstrijden te winnen. Afijn, het mag ook weleens mee zitten en zonder al te veel inspanning kwam ik ook deze wedstrijd (4-1) door.

Nu de druk er een beetje af is, krijg ik de kans om mijn beste spel te laten zien. Bij de laatste 32 wachtte een wedstrijd tegen Scott Mitchell, de wereldkampioen van 2015. De eerste leg gaat rap zijn kant op, maar vanaf leg twee doe ik helemaal mee. Ik open 180, 140, 140 en finish uiteindelijk in 13 darts om te laten zien dat ik er ben. De volgende drie legs gaan opnieuw met de darts mee, ook al kom ik steeds een beetje dichterbij in zijn legs. Leg zes lijkt de kant van de Engelsman op te gaan, maar vier wedstrijdpijlen zijn niet aan hem besteed. Ik maak gelijk en neem me voor om nog een keer alles op alles te zetten voor een break. Meestal is dit het punt waarop ik een of twee mindere beurten gooi en dat uiteindelijk afgestraft wordt. Tot mijn eigen verrassing gebeurde dat dit keer andersom. Mitchell geeft me de ruimte om 118 terug te brengen naar 24. Nadat hij 113 niet uit krijgt, gooi ik mijn tweede wedstrijdpijl raak.

Ik krijg dan de kans om voor het eerst in mijn loopbaan (ik zit er al een tijdje tegenaan te hikken) een kwartfinale te halen. Montgomery had me eerder op de Dutch en Swedish Open al dwars gezeten, in wedstrijden die beide kanten op gekund hadden. Hij mag beginnen en de eerste drie legs gaan met de darts mee. Op 1-1 kreeg ik een pijl voor 116, maar die zat er net naast. Hij breekt mij vervolgens met een 160 finish. De leg erna open ik met twee keer 180. Een 9 darter zat er niet in, maar in 12 pijlen breek ik terug en houd daarna mijn eigen leg om weer terug op een gelijke stand te komen. Het blijft dicht bij elkaar en ook leg 7 en 8 gaan weer met de darts mee. De Schot mag de laatste leg beginnen en doet dat goed. Ik zet de achtervolging en en sta na 9 pijlen op 176. Montgomery zet zichzelf op 120 en zal daar sowieso voor terug mogen komen. Ik zet de druk er nog eens maximaal op, met een 140 score. Ik heb goede hoop terug te komen voor dubbel 18, maar Montgomery weet heel knap die 120 uit te gooien en daarmee de wedstrijd te winnen. Het was een geweldige wedstrijd en doordat ik al bij de laatste 16 zat, kan ik leven met deze nederlaag.

Na de toch wel grote teleurstelling van vrijdagavond, ziet de wereld er na zo’n goed toernooi op zondag er toch weer heel anders uit. Als ik deze vorm vast kan houden, kunnen er een paar weken later op het Isle of Man weleens mooie dingen gaan gebeuren.